Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[Naam 1] en [Naam 2], eisers
[Naam 4],
[Naam 5],
[Naam 6]en
[Naam 7]
Rechtbank Den Haag
Eisers, van Servische nationaliteit en behorend tot de Roma-gemeenschap, vorderden asiel vanwege bedreigingen door een familie na een conflict en mishandeling. De staatssecretaris wees de aanvragen af als kennelijk ongegrond, stellende dat het asielrelaas niet geloofwaardig was en Servië een veilig land van herkomst is.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht het asielrelaas ongeloofwaardig achtte vanwege tegenstrijdige verklaringen, gebrek aan objectief bewijs en wisselende verklaringen over bedreigingen en aangiften. Tevens werd meegewogen dat eisers eerder in Duitsland en Frankrijk asielaanvragen hadden die waren afgewezen.
De rechtbank bevestigde dat Servië op grond van jurisprudentie en recente herbeoordelingen als veilig land van herkomst geldt, ook voor Roma, en dat er geen aanwijzingen zijn voor een zodanige verslechtering van de situatie. De belangen van de minderjarige kinderen en medische omstandigheden werden voldoende betrokken.
De rechtbank concludeerde dat geen reden bestaat voor uitstel van vertrek of verblijf op grond van artikel 8 EVRM Pro. De beroepen werden ongegrond verklaard en de asielaanvragen afgewezen als kennelijk ongegrond.
Uitkomst: De beroepen tegen de afwijzing van de asielaanvragen worden ongegrond verklaard en de aanvragen afgewezen.