ECLI:NL:RBDHA:2022:4571
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsdocument EU/EER wegens twijfel aan Nederlandse nationaliteit kinderen
Eiseres, van Iraakse nationaliteit, verzocht om een verblijfsdocument EU/EER op grond van het arrest Chavez-Vilchez, omdat zij afgeleid verblijf wenst bij haar minderjarige kinderen die naar haar zeggen de Nederlandse nationaliteit hebben via hun vader.
De aanvraag werd afgewezen omdat er gerede twijfel bestaat over de Nederlandse nationaliteit van de kinderen. Hoewel de biologische vader Nederlandse nationaliteit bezit, is het juridisch vaderschap niet aangetoond; de juridische vader heeft geen Nederlandse nationaliteit en is niet bekend in Nederland. Lopende procedures om deze gegevens te corrigeren en het Nederlanderschap vast te stellen bieden geen zekerheid.
Eiseres stelde ook dat zij ten onrechte niet is gehoord tijdens de bezwaarprocedure, maar de rechtbank oordeelde dat het horen niet verplicht was omdat het bezwaar geen aanleiding gaf tot een ander besluit.
De rechtbank concludeert dat eiseres niet voldoet aan de voorwaarden voor afgeleid verblijfsrecht en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een verblijfsdocument wordt ongegrond verklaard.