ECLI:NL:RBDHA:2022:398
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure
Op 17 december 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het asielverzoek van de verzoeker in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met een gerelateerde zaak op 19 januari 2022 behandeld in een zitting te Breda. Verzoeker was aanwezig met zijn gemachtigde en een tolk. De staatssecretaris werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
Na de behandeling heeft de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen, omdat de rechtbank op diezelfde dag uitspraak heeft gedaan op het beroep. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gedaan en er staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op het beroep.