Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
- een aantal processen-verbaal van de Nederlandse politie;
- een brief van het Landelijk Parket van 28 september 2020;
- een proces-verbaal van bevindingen van de rechter-commissaris van de rechtbank Rotterdam van 20 september 2020;
- vertalingen van (kort gezegd) Franse processen-verbaal en beslissingen.
- de vordering tot toepassing van artikel 149b Sv van 23 september 2021;
- een proces-verbaal aanvraag binnendringen en onderzoek doen geautomatiseerd werk van 13 maart 2020;
- een begeleidend schrijven bij deze aanvraag van 16 maart 2020;
- een proces-verbaal Titel V beschrijving NN gebruikers Encro c.s. van 13 maart 2020;
- een machtiging ex artikel 126uba en 126t Sv van de rechter-commissaris in de rechtbank Rotterdam van 27 maart 2020, en verlengingen van deze machtiging;
- een brief van 24 maart 2021 van het Landelijk Parket over een uitspraak van de rechter in Groot-Brittannië d.d. 5 februari 2021;
- een proces-verbaal van bevindingen inzake het ter beschikking stellen van informatie van [onderzoeksnaam] aan het onderzoek [onderzoeksnaam] van 4 maart 2022.
een machtiging gevraagd bij de rechter-commissaris gebaseerd op artikel 126uba en 126t Sv. Dit betreft een wettelijke bepaling, neergelegd in Titel V van Boek I Sv, die strekt tot het binnendringen van een geautomatiseerd werk of gegevensdrager bij een verdenking van georganiseerde misdaad. In dat verband is de kring van personen die onderzocht mag worden groter dan individuele verdachten, nu het gaat om een onderzoek naar groeperingen in de sfeer van ernstige strafbare feiten, in het kader van de georganiseerde misdaad.
in de uitoefening van een bedrijfheeft verhandeld. Nu op basis van het dossier slechts kan worden vastgesteld dat hij op één dag aan twee verschillende Encrochatgebruikers wapens aanbiedt, kan naar het oordeel van de rechtbank niet wettig en overtuigend worden bewezen dat het verhandelen van de wapens een bedrijfsmatig karakter had. De rechtbank zal de verdachte daarom van feit 3 vrijspreken.
- het adres [straatnaam 3] en dat daar ingeschreven staan: [slachtoffer 4] , [geboortedatum]
- en [slachtoffer] , [geboortedatum] .
- gegevens over [slachtoffer 2] .
- gegevens over het [kenteken] op naam van [slachtoffer 2] .
- gegevens over [slachtoffer 4] .
adressenen kentekens en foto’s van voornoemde personen bestemd tot het begaan van die misdrijven voorhanden heeft gehad;
2020tot en met 11 mei 2020 in Nederland ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland te brengen (ongeveer) 65 kilogram van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne een middel als bedoeld in de bij die wet behorende lijst I,
heeftgelegd en onderhouden en
heeftover en afspraken
heeftgemaakt over het transport en de verdeling
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De inbeslaggenomen voorwerpen
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
TIEN (10) JAREN;