ECLI:NL:RBDHA:2022:3213
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig asielrelaas en onvoldoende bewijs
De rechtbank Den Haag heeft op 28 maart 2022 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eiser beroep instelde tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag in de verlengde procedure. Het bestreden besluit van 30 december 2021 wees de aanvraag af als ongegrond.
Tijdens de zitting op 25 maart 2022 in Breda werd vastgesteld dat eiser geen documenten had overgelegd ter onderbouwing van zijn asielrelaas. De rechtbank oordeelde dat eiser zijn verhaal met gedetailleerde verklaringen aannemelijk had moeten maken, zeker waar het de kern van zijn relaas betreft. Verweerder achtte het ongeloofwaardig dat eiser betrokken was bij het overlijden van een politiecommissaris tijdens protesten in 2015, mede omdat eiser verklaarde zijn gezicht te hebben bedekt.
Verder waren de verklaringen van eiser over het overlijden van zijn ouders vaag en tegenstrijdig, zonder dat hij dit had weerlegd of bewijs had aangeleverd. De rechtbank concludeerde dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij bij terugkeer een reëel risico loopt op schending van artikel 3 EVRM Pro. Nieuwe feiten over een relatie en gezinsleven werden buiten beschouwing gelaten wegens strijd met de goede procesorde. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van het asielrelaas.