ECLI:NL:RBDHA:2022:2512
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing faciliterend visum wegens ontbreken zorg- en opvoedingstaken en afhankelijkheidsrelatie
Eiser, een Ghanees, verzocht om een faciliterend visum om zich in Nederland te voegen bij zijn minderjarige dochter met de Nederlandse nationaliteit. De aanvraag werd afgewezen omdat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij de biologische of juridische vader was, noch dat hij zorg- en opvoedingstaken verricht of een afhankelijkheidsrelatie met het kind heeft.
Eiser stelde dat hij vanwege de medische situatie van de moeder noodzakelijk zorg zou moeten verlenen, maar de rechtbank oordeelde dat dit geen situatie betreft zoals bedoeld in het arrest Chavez-Vilchez, waarbij kinderen gedwongen worden de EU te verlaten vanwege een afhankelijke ouder die niet mag blijven. De moeder wordt ondersteund door haar moeder, wat de zorgbehoefte vermindert.
Verder werd geoordeeld dat verweerder in de bezwaarfase een volledige heroverweging mocht maken en dat het niet horen van eiser geen schending van de hoorplicht opleverde. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het faciliterend visum wordt ongegrond verklaard.