ECLI:NL:RBDHA:2022:244
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing proceskostenvergoeding na intrekking beroep bijzondere bijstand
Eisers dienden op 11 december 2020 beroep in tegen de weigering van de gemeente Gouda om een besluit te nemen op hun aanvraag om vergoeding van kosten rechtsbijstand via bijzondere bijstand. Op 15 december 2020 nam de gemeente alsnog een besluit, waarna eisers het beroep introkken en proceskostenvergoeding vorderden.
De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 8:75a Awb bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming door het bestuursorgaan, proceskostenvergoeding kan worden toegewezen. Omdat het bestuursorgaan tijdens de procedure alsnog een besluit nam, was sprake van tegemoetkomen.
De rechtbank vond geen aanwijzingen dat eisers al wisten dat het besluit spoedig zou volgen, mede gelet op de complexiteit van de zaak en het feit dat een dwangsom was toegekend voor een andere bijstandsaanvraag. Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding toe en stelde deze vast op €379,50. Tevens wees zij op de verplichting tot vergoeding van griffierecht.
De uitspraak werd gedaan door rechter S. Pereth op 7 januari 2022 zonder zitting.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de gemeente tot vergoeding van proceskosten van €379,50 na intrekking van het beroep wegens het alsnog nemen van een besluit.