Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[naam eiseres 1], eiseres, gezamenlijk te noemen: eisers,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eisers, Iraanse staatsburgers, vroegen op 11 juli 2021 een visum voor kort verblijf aan om hun in Nederland woonachtige dochter en kleindochter te bezoeken. De minister van Buitenlandse Zaken wees de aanvragen af wegens onvoldoende aantonen van het doel en omstandigheden van het verblijf en twijfel over het terugkeerintentie (vestigingsgevaar).
Eisers betwistten deze gronden, stelden dat zij aan het middelenvereiste voldeden en voldoende sociale en economische binding met Iran hadden. De rechtbank stelde vast dat de middelenkwestie niet langer ter discussie stond. De rechtbank oordeelde dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom vestigingsgevaar moest worden aangenomen, ondanks eerdere visumtoekenningen en terugkeer van eisers.
Daarnaast werd de hoorplicht in bezwaar geschonden omdat het bezwaar niet kennelijk ongegrond was. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg de minister op opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering en schending van de hoorplicht.