ECLI:NL:RBDHA:2022:15922
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten wegens overschrijding beslistermijn in bestuursrechtelijke zaak
Verzoeker is op 12 mei 2022 in beroep gegaan tegen de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid omdat deze niet tijdig had beslist op zijn aanvraag. Nadat verzoeker het beroep had ingesteld, nam verweerder alsnog op 3 augustus 2022 een beslissing. Verzoeker trok daarop het beroep in en verzocht de rechtbank om verweerder te veroordelen tot vergoeding van zijn proceskosten.
De rechtbank besloot dat verweerder de proceskosten moet vergoeden omdat de beslistermijn was overschreden. Omdat verzoeker een professionele juridische hulpverlener had ingeschakeld, geldt een vast bedrag aan vergoeding. Aangezien de zaak uitsluitend ging over de overschrijding van de beslistermijn, werd een wegingsfactor van 0,5 toegepast, waardoor het toegekende bedrag €379,50 bedraagt.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot betaling van dit bedrag. Er werd geen zitting gehouden omdat dit niet noodzakelijk was volgens artikel 8:54 van Pro de Awb. Verweerder heeft niet gereageerd op het verzoek om proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van €379,50 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn.