Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.[gedaagde 1] te [plaats 1],
[gedaagde 2]te [plaats 3],
[gedaagde 3]te [plaats 3],
[gedaagde 4]te [plaats 4],
1.De procedure
- de dagvaarding van 23 februari 2022;
- de akte vermeerdering van eis van 30 maart 2022;
- de akte overlegging producties van 11 mei 2022 van [eiser] , met producties 1 tot en met 37;
- de akte overlegging en uitleg producties van 11 mei 2022 van [eiser] , met producties 30 en 38 tot en met 43;
- de conclusie van antwoord van [gedaagde 1] , met producties 1 en 2;
- de conclusie van antwoord van [gedaagde 2] en [gedaagde 3] ;
- de conclusie van antwoord van [gedaagde 4] tevens houdende de incidentele conclusie tot nietig- en niet ontvankelijkverklaring, met producties 1 tot en met 18;
- de conclusie van antwoord in het incident.
2.De beoordeling
het geschil in de hoofdzaak
- € 1.301,00 aan betaald griffierecht;
- € 721,00 aan salaris advocaat (1 punt x tarief III à € 721,00);
- € 314,00 aan betaald griffierecht;
- € 563,00 aan salaris advocaat (1 punt x tarief II à € 563,00);
- € 314,00 aan betaald griffierecht;
- € 563,00 aan salaris advocaat (1 punt x tarief II à € 563,00).