ECLI:NL:RBDHA:2022:15474
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens alsnog genomen besluit
Verzoeker is op 17 augustus 2022 in beroep gegaan tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag door verweerder. Nadat verweerder op 10 oktober 2022 alsnog een beslissing heeft genomen, heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat verzoeker recht heeft op proceskostenvergoeding omdat verweerder pas na het instellen van het beroep heeft beslist. Volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) wordt een vast bedrag toegekend vanwege de inschakeling van een professionele juridische hulpverlener.
Omdat de zaak alleen ziet op de overschrijding van de beslistermijn, wordt een lagere vergoeding toegekend met een wegingsfactor van 0,5. De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 379,50 aan proceskosten aan verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staatssecretaris tot betaling van € 379,50 aan proceskosten aan verzoeker.