ECLI:NL:RBDHA:2022:15242
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in Dublinprocedure asielaanvraag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen op grond van de Dublinverordening, waarbij Italië als verantwoordelijke staat wordt aangewezen.
Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een verwante zaak op 18 oktober 2022 behandeld, waarbij verzoeker niet is verschenen wegens verhindering.
Gezien de uitspraak in de hoofdzaak op dezelfde datum, waarin het beroep is behandeld, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening overbodig en wijst het verzoek af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan in het openbaar op 21 oktober 2022.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.