Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam 1], eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een Thaise nationaliteit houdende vrouw, heeft op 7 juli 2022 beroep ingesteld tegen het besluit van 9 juni 2022 waarbij haar aanvraag tot wijziging van verblijfsdoel naar verblijf als familie- of gezinslid werd afgewezen. De rechtbank heeft het beroep behandeld en het onderzoek meerdere malen heropend om partijen in de gelegenheid te stellen te reageren op relevante jurisprudentie, waaronder het arrest Chavez-Vilchez.
De rechtbank overweegt dat eiseres reeds rechtmatig verblijf heeft op grond van artikel 20 VWEU Pro als verzorgende ouder van haar minderjarige Nederlandse dochter. De afwijzing van de aanvraag leidt niet tot een schending van artikel 8 EVRM Pro omdat geen inmenging in het gezinsleven plaatsvindt. De stelling van eiseres dat verweerder in 2019 niet adequaat heeft getoetst aan artikel 8 EVRM Pro en artikel 21 VWEU Pro wordt verworpen, mede omdat de procedure zich niet leent voor beoordeling van eerder vaststaande besluiten.
Verder oordeelt de rechtbank dat het feit dat eiseres met het huidige verblijfsrecht niet in aanmerking komt voor een duurzaam verblijfsrecht of naturalisatie niet leidt tot een schending van artikel 8 EVRM Pro. Ook het beroep op artikel 21 VWEU Pro faalt omdat eiseres na beëindiging van haar huwelijk geen zelfstandige aanvraag heeft ingediend. Het beroep wordt derhalve ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag tot wijziging van verblijfsdoel wordt ongegrond verklaard.