Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de staatssecretaris
Inleiding
Griffierecht en beroep op betalingsonmacht
Wat aan het terugkeerbesluit en inreisverbod voorafging
Het standpunt van de staatssecretaris
Beoordeling door de rechtbank
.De staatssecretaris heeft daarbij van belang mogen achten dat eiser is veroordeeld voor de terroristische misdrijven en dat uit de ernstige gedragingen die tot deze veroordelingen hebben geleid, blijkt dat eiser een werkelijk en ernstig gevaar is voor de openbare orde en nationale veiligheid. Ook heeft de staatssecretaris mogen vinden dat het gevaar dat van dergelijke gedragingen uitgaat lang tot zeer lang actueel blijft vanwege de aard en ernst van de terroristische misdrijven. Eisers gedragingen dateren van 2015 en 2018 en zijn bijzonder ernstig. Onder die omstandigheden was en is het gevaar dat van eiser uitgaat nog zeer actueel. De staatssecretaris heeft als toelichting en motivering van het gevaar dat van eiser uitgaat, mogen verwijzen naar het vonnis van de rechtbank van 8 oktober 2020 en de rapportages die de rechtbank bij de strafoplegging heeft betrokken. Uit die rapportages komt een ernstig beeld naar voren over het gedrag en de opvattingen van eiser. In een ideologisch duidingsrapport dat in maart 2020 over eiser is opgemaakt, staat dat eiser is gevormd door gewelddadige salafistische concepten en dat hij de salafistische standpunten en overtuigingen heeft geïnternaliseerd. Eiser steunt alle extremistische (jihadistische) groeperingen, omdat zij volgens hem een legitieme jihad voeren en hij heeft aangegeven dat hij persoonlijk de intentie heeft als martelaar te sterven. De rechtbank stelt vast dat in het reclasseringsrapport van 3 juni 2020 is aangegeven dat bij schuldigverklaring een evident delictpatroon blijkt dat door de jaren heen in ernst en omvang is toegenomen. De reclassering concludeert dat eiser zijn problemen externaliseert en nauwelijks tot geen zelfinzicht laat zien. De reclassering heeft aangegeven dat beschermende factoren, zoals huisvestiging, relatie, vaderschap en het praktiseren van religie, geen enkel remmend effect op het gedrag van eiser hebben gehad. De reclassering schat in dat de kans op recidive hoog is. Ook het risico op het plegen van extremistisch geweld wordt door de reclassering als hoog ingeschat.
.De rechtbank is van oordeel dat gelet op de onderbouwing die de staatssecretaris heeft gegeven van de actuele, werkelijke en ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving dat eisers gedrag vormt, het op de weg van eiser lag om het tegendeel te onderbouwen. Het enkel in vragende zin opwerpen dat relevant is of eiser al dan niet afstand heeft genomen van zijn strafbare handeling en werkt aan zijn deradicalisering is daarvoor onvoldoende. Het lag op eisers weg om concrete stellingen in te nemen en, voor zover beschikbaar, relevante rapporten ter onderbouwing van zijn stellingen in het geding te brengen. Dit heeft hij niet gedaan. Het verwijt van eiser dat de staatssecretaris onzorgvuldig te werk is gegaan en onvoldoende onderzoek heeft verricht is dan ook niet terecht.