ECLI:NL:RBDHA:2022:13325

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
19 januari 2022
Publicatiedatum
9 december 2022
Zaaknummer
C/09/598754 / FA RK 20-6077
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Tussenbeschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tijdelijke voogdij benoeming in draagmoederschapszaak over minderjarige in afwachting gezagsbeslissing

De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek tot voorlopige voogdij over een minderjarige geboren via draagmoederschap in de Verenigde Staten. De minderjarige verblijft in Nederland bij de verzoekers, die nog niet als ouders zijn erkend en over wie nog geen gezagsbeslissing is genomen.

De draagmoeder en haar echtgenoot verblijven in de VS en kunnen het gezag praktisch niet uitoefenen. Hierdoor ontbreekt een wettelijke voogdij in Nederland, wat belangrijke beslissingen over de minderjarige belemmert.

De rechtbank oordeelde dat verzoekers, die de minderjarige sinds de geboorte verzorgen en opvoeden en waarvan één de biologische vader is, in afwachting van de verdere procedure tijdelijk als voogd moeten worden benoemd.

Het verzoek tot voorlopige voogdij werd toegewezen en de beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Hiermee wordt de juridische positie van de minderjarige en de verzoekers tijdelijk geregeld totdat een definitieve gezagsbeslissing is genomen.

Uitkomst: Verzoekers worden tijdelijk benoemd tot voogd over de minderjarige in afwachting van een definitieve gezagsbeslissing.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Meervoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 20-6077
Zaaknummer: C/09/598754
Datum beschikking: 19 januari 2022

Beschikking in de zaak van:

[verzoeker01] en [verzoeker02] ,

hierna ook: [verzoeker01] dan wel [naam01] , dan wel gezamenlijk: verzoekers of wensouders,
wonende te [woonplaats01] , gemeente [gemeente01] ,
advocaat: mr. J.H. van der Tol te Amsterdam.
Als belanghebbende is aangemerkt:
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente [plaats01] ,
zetelend te [plaats01] ,
hierna te noemen: de ambtenaar.

Procedure

Bij beschikking van deze rechtbank van 14 december 2021 is iedere beslissing aangehouden tot 1 september 2022 pro forma, in afwachting van de beantwoording van prejudiciële vragen door de Hoge Raad in vergelijkbare bij deze rechtbank aanhangige zaken, bekend onder zaak- en rekestnummers C/09/582084 / FA RK 19-7655 en C/09/594387 / FA RK 20-3769.
In deze beschikking is het volgende overwogen:
“De rechtbank begrijpt het belang van verzoekers dat zo snel mogelijk duidelijkheid komt over de juridische positie van [voornaam minderjarige01] . Voor zover verzoekers op dit moment in het kader van de gezag situatie tegen problemen aan lopen, wil de rechtbank verzoekers dan ook meegeven dat zij in deze lopende procedure een verzoek tot voorlopige voogdij kunnen doen. Dat verzoek zal alsdan met voorrang worden behandeld.”
De rechtbank heeft kennisgenomen van het F9-formulier van verzoekers van 23 december 2021.
Zij verzoeken, in afwachting van de antwoorden op de prejudiciële vragen, tijdelijk met de voogdij over de minderjarige [minderjarige01] , geboren op [geboortedatum01] 2020 te [geboorteplaats01] , [staat01] , Verenigde Staten van Amerika, te worden belast.
De ambtenaar van de burgerlijke stand is in het kader van dit verzoek geen belanghebbende, zodat hij niet in de gelegenheid is gesteld op dit verzoek te reageren.

Beoordeling

[voornaam minderjarige01] verblijft nu in Nederland bij verzoekers, terwijl verzoekers nog niet worden erkend als ouders van [voornaam minderjarige01] . Er is ook nog niet bij (onherroepelijke) einduitspraak beslist dat [voornaam minderjarige01] onder gezag staat van verzoekers. In het gezagsregister is geen aantekening betreffende [voornaam minderjarige01] opgenomen. De draagmoeder en haar echtgenoot verblijven in de Verenigde Staten van Amerika, zodat – mocht het gezag nog bij hen (of één van hen) liggen – zij in de praktische onmogelijkheid verkeren het gezag uit te oefenen over [voornaam minderjarige01] . Dit maakt dat [voornaam minderjarige01] in Nederland verblijft terwijl nog niet is beslist wie het gezag over hem uitoefent en er ook niet op wettige wijze in zijn voogdij is voorzien. Belangrijke zaken omtrent [voornaam minderjarige01] kunnen niet worden geregeld.
In het voorgaande ziet de rechtbank aanleiding om in de voogdij over [voornaam minderjarige01] te voorzien. Nu verzoekers [voornaam minderjarige01] sinds zijn geboorte verzorgen en opvoeden en niet ter discussie staat dat [naam01] de biologische vader van [voornaam minderjarige01] is, zullen verzoekers, in afwachting van het verdere verloop van deze procedure, tot voogd over [voornaam minderjarige01] worden benoemd. De rechtbank wijst het verzoek van verzoekers dan ook toe.

Beslissing

De rechtbank:
benoemt [verzoeker01] , geboren op [geboortedatum02] 1976 te [geboorteplaats02] , en [verzoeker02] geboren op [geboortedatum03] 1978 te [geboorteplaats03] , Australië, tot voogd over de minderjarige [minderjarige01] , geboren op [geboortedatum01] 2020 te [geboorteplaats01] , [staat01] , Verenigde Staten van Amerika, en verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mrs. J.C. Sluymer, M.J. Alt-van Endt en O.F. Bouwman, rechters, tevens kinderrechters, bijgestaan door mr. M.T.E. Krijger-van Huut als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 januari 2022.