ECLI:NL:RBDHA:2022:12785
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-in behandeling nemen asielaanvraag
Verzoeker, een Eritrese nationaliteit dragende persoon geboren in 1998, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening, samen met een gerelateerde zaak, op 21 november 2022 behandeld. Verzoeker was aanwezig met zijn gemachtigde en een tolk, terwijl de verweerder werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
Na overweging van de feiten en de eerdere uitspraak in de gerelateerde zaak NL22.21343, heeft de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het niet-in behandeling nemen van de asielaanvraag is afgewezen.