ECLI:NL:RBDHA:2022:12641
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Asielaanvraag niet in behandeling genomen wegens verantwoordelijkheid Tsjechië op grond van Dublinverordening
Eiser heeft in 2020 een asielaanvraag ingediend in Nederland die niet in behandeling werd genomen omdat Tsjechië verantwoordelijk was. Na overdracht aan Tsjechië en terugkeer naar Nederland in 2021 diende eiser opnieuw een asielaanvraag in, die wederom niet in behandeling werd genomen op grond van de Dublinverordening.
Eiser betoogde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet langer geldt jegens Tsjechië vanwege geweldsincidenten, structurele schendingen van internationale verplichtingen, en onvoldoende medische zorg. Hij onderbouwde dit met rapporten en persoonlijke ervaringen.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het vertrouwensbeginsel niet geldt. De stellingen over geweld, push backs en medische zorg waren onvoldoende onderbouwd, en het rapport van de Organization for Aid to Refugees was niet vertaald. Bovendien garandeert een expliciet claimakkoord dat Tsjechië de aanvraag behandelt conform internationale normen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de asielaanvraag niet in behandeling heeft genomen en verklaarde het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de asielaanvraag terecht niet in behandeling is genomen omdat Tsjechië verantwoordelijk is.