ECLI:NL:RBDHA:2022:1264
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opheffing en schorsing vervangende hechtenis en weigering status zelfmelder
Eiser is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden met een proeftijd van twee jaar. Na overtreding van de voorwaarden werd de tenuitvoerlegging van deze straf gelast door de rechtbank Rotterdam. Eiser werd aangehouden en verblijft sindsdien in detentie.
Eiser verzocht de rechtbank om de vervangende hechtenis op te heffen of te schorsen en om alsnog de status van zelfmelder toe te kennen, met een dwangsom en schadevergoeding. De rechtbank oordeelde dat de tenuitvoerlegging van de onherroepelijke gevangenisstraf wettelijk verplicht is en dat er geen sprake is van tegenstrijdige beslissingen.
De rechtbank vond dat de Staat terecht geen oproep tot zelfmelding heeft verstuurd, gezien het beleid van het CJIB en het ontbreken van bijzondere omstandigheden die hiervan zouden afwijken. Hoewel eiser positieve stappen in zijn resocialisatie heeft gezet, zijn deze niet voldoende om het beleid te doorbreken. De vorderingen worden afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot opheffing of schorsing van vervangende hechtenis en het toekennen van de status van zelfmelder af.