Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[Naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
24 januari 2019.
Overwegingen
5 februari 2021 heeft verweerder alsnog beslist op de asielaanvraag van eiser. Op
24 februari 2021 heeft eiser het beroep niet tijdig beslissen ingetrokken en verzocht om verweerder te veroordelen in de proceskosten.
11 mei 2020 geldig is. Omdat eiser wel terecht beroep niet tijdig beslissen heeft ingesteld, ziet de rechtbank aanleiding om een proceskostenvergoeding toe te kennen. Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht stelt de rechtbank deze vast op € 379,50,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift, met een waarde van € 759,- per punt en wegingsfactor 0,5). De rechtbank is van mening dat de wegingsfactor ‘licht’ van toepassing is aangezien het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit.
Beslissing
€ 379,50 (driehonderdnegenenzeventig euro en 50 cent).