Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Beschikking van de kinderrechter
Afwijzing verlenging ondertoezichtstelling
[minderjarige 1], geboren op [geboortedag 1] 2009 te [geboorteplaats] ,
[minderjarige 2]geboren op [geboortedag 2] 2012 te [geboorteplaats] ,
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een verzoek van Stichting Jeugdbescherming West Zuid-Holland tot verlenging van de ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen, geboren in 2009 en 2012. De kinderen bevinden zich in een loyaliteitsconflict en ervaren stress door de spanningen thuis en de inzet van hulpverlening. De ouders zijn het niet eens over contactherstel tussen vader en kinderen, waarbij de moeder het contact op dit moment niet ondersteunt.
De gecertificeerde instelling motiveert het verzoek met het ontbreken van contact tussen vader en kinderen en de noodzaak van hulpverlening voor de ouders om het contact te herstellen. De vader stemt in met verlenging, maar er is geen contacthersteltraject opgestart. De moeder voert verweer en benadrukt de klachten van de kinderen en het falen van eerdere pogingen tot contactherstel.
De kinderrechter constateert dat ondanks de gronden voor ondertoezichtstelling, de inmenging in het gezinsleven niet in redelijke verhouding staat tot het nagestreefde doel. Na bijna drie jaar onder toezicht is er weinig progressie, en de ouders tonen onvoldoende intrinsieke motivatie voor individuele hulpverlening. De kinderrechter concludeert dat verlenging niet zal bijdragen aan het bereiken van de doelen en wijst het verzoek af. De zorgen over de ontwikkeling van de kinderen blijven echter bestaan.
Uitkomst: Verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling wordt afgewezen wegens onvoldoende vooruitgang en motivatie van ouders.