Uitspraak
Rechtbank den haag
verdachte,
1.De procedure
2.Het verschoningsverzoek
rechter
Rechtbank Den Haag
In deze zaak heeft de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank Den Haag op 18 oktober 2022 een verzoek tot verschoning van een rechter behandeld. Het verzoek werd ingediend door mr. L.K. van Zaltbommel, rechter belast met de hoofdzaak, omdat een procespartij deel uitmaakt van zijn persoonlijke kennissenkring.
De kamer overwoog dat hoewel rechters worden vermoed onpartijdig te zijn, uitzonderlijke omstandigheden zoals een persoonlijke relatie met een procespartij aanleiding kunnen geven tot een terechte vrees voor vooringenomenheid. Ook de schijn van partijdigheid speelt hierbij een rol.
Gezien de omstandigheden achtte de kamer het verzoek terecht en wees het toe om de schijn van partijdigheid te vermijden. De behandeling van de hoofdzaak zal worden overgenomen door een andere rechter en het proces wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment van het verzoek.
De beslissing werd genomen in raadkamer door drie rechters en is toegezonden aan alle betrokken partijen en de rechter zelf.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen en de hoofdzaak wordt voortgezet door een andere rechter.