ECLI:NL:RBDHA:2022:11547
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen afwijzing asielaanvraag en ongegrond verklaring beroep tegen inreisverbod
Eiser heeft een asielaanvraag ingediend die door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 28 juli 2022 is afgewezen als kennelijk ongegrond. Eiser is vervolgens vrijwillig met hulp van het IOM teruggekeerd naar zijn land van herkomst, Georgië, en heeft daarmee zijn verblijfsrechtelijke procedures ingetrokken.
De rechtbank heeft het beroep op 27 oktober 2022 behandeld, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet zijn verschenen. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk voor zover het gericht is tegen de afwijzing van de asielaanvraag en het terugkeerbesluit, omdat eiser geen belang meer heeft bij de beoordeling hiervan.
Het beroep tegen het inreisverbod wordt wel ontvankelijk verklaard, maar ongegrond. Eiser voerde medische omstandigheden aan, waaronder een handicap en het ontbreken van financiële middelen voor een prothese in Georgië, maar heeft dit niet met documenten onderbouwd. De staatssecretaris heeft deze omstandigheden meegewogen en geoordeeld dat er geen bijzondere individuele omstandigheden zijn om het inreisverbod op te heffen. Eiser kan een aanvraag voor een verblijfsvergunning voor medische behandeling indienen en daarbij om opheffing van het inreisverbod verzoeken.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is mondeling gedaan en openbaar gemaakt op 27 oktober 2022.
Uitkomst: Beroep tegen afwijzing asielaanvraag en terugkeerbesluit niet-ontvankelijk; beroep tegen inreisverbod ongegrond verklaard.