ECLI:NL:RBDHA:2022:11416
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek opheffing ongewenstverklaring wegens onvoldoende onderbouwing
Eiser is bij besluit van 13 juli 2012 ongewenst verklaard. Hij verzocht om opheffing van deze verklaring, stellende dat niet correct was getoetst aan het unierechtelijk openbare ordecriterium. De rechtbank stelt dat deze toetsing wel heeft plaatsgevonden en dat de ongewenstverklaring in rechte vaststaat.
Verweerder heeft het verzoek om opheffing afgewezen omdat eiser zijn verzoek niet heeft onderbouwd met de vereiste stukken die aantonen dat aan de voorwaarden van artikel 32, eerste lid, van de Verblijfsrichtlijn is voldaan. Eiser heeft dit niet betwist.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid tot beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na publicatie.
Uitkomst: Verzoek tot opheffing van de ongewenstverklaring wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.