ECLI:NL:RBDHA:2022:11217
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, heeft een asielaanvraag ingediend die door verweerder niet in behandeling is genomen omdat Zwitserland verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening.
Eiser betoogt dat terugkeer naar Zwitserland indirect leidt tot refoulement naar Algerije, waar hij vervolging vreest, en dat verweerder daarom de aanvraag zelf moet behandelen. De rechtbank overweegt dat verweerder mag vertrouwen op Zwitserland en dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Zwitserland tekortschiet in haar asielprocedure of opvang.
De rechtbank oordeelt dat eiser zich kan richten tot Zwitserse autoriteiten en dat Zwitserland garanties biedt dat zijn aanvraag adequaat wordt behandeld. Het beroep wordt daarom kennelijk ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt kennelijk ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.