Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- wijst de verzoeken om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eisers, een moeder met haar minderjarige kinderen, werden geconfronteerd met een maatregel van bewaring op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel was gebaseerd op zware gronden, waaronder een overdrachtsbesluit in het kader van de Dublinverordening en het risico dat eisers zich aan toezicht zouden onttrekken. Eisers betwistten alle gronden en voerden aan dat geen termijn voor vrijwillig vertrek was gegeven en dat de belangen van de minderjarige kinderen onvoldoende waren meegewogen.
De rechtbank stelde vast dat de zware gronden feitelijk juist en voldoende gemotiveerd waren, waarbij het overlappen van motiveringen niet leidde tot het samenvoegen van gronden. Eisers hadden de mogelijkheid tot vrijwillig vertrek gekregen maar maakten hier geen gebruik van. De verzwaarde belangenafweging hield rekening met de situatie van de kinderen, hun aanpassingsvermogen in Denemarken en de naleving van meldplicht door eiseres.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet had hoeven volstaan met een lichter middel dan bewaring en dat de belangenafweging adequaat was gemaakt. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.