ECLI:NL:RBDHA:2022:10591
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens niet voldoen aan inburgeringsvereiste
Eiseres, een Egyptische nationaliteit houdende vrouw, heeft een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aangevraagd om bij haar echtgenoot in Nederland te verblijven. Zij heeft het inburgeringsexamen drie keer afgelegd, maar is niet geslaagd voor enig onderdeel. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen omdat het inburgeringsexamen een vereiste is voor het verkrijgen van de mvv.
Eiseres stelde dat zij vanwege medische problemen, waaronder een beperking die door een arts als 'simpelheid' werd omschreven en dyslexie, vrijstelling van het inburgeringsvereiste zou moeten krijgen. Ook voerde zij aan dat zij zich voldoende heeft ingespannen voor het examen. Verweerder stelde dat er geen medische problemen waren vastgesteld en dat eiseres onvoldoende had aangetoond dat zij zich voldoende had voorbereid.
De rechtbank oordeelde dat de medische verklaring geen beperkingen bevestigde die vrijstelling rechtvaardigen en dat de dyslexie niet was onderbouwd. Ook vond de rechtbank dat eiseres onvoldoende had aangetoond dat zij zich voldoende had ingespannen, mede gelet op het feit dat zij drie keer het examen had afgelegd zonder enig onderdeel te halen. Er waren bovendien leerprogramma’s beschikbaar die rekening hielden met haar situatie, maar zij had hier geen gebruik van gemaakt.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht het besluit had genomen om de mvv-aanvraag af te wijzen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf wordt afgewezen wegens het niet voldoen aan het inburgeringsvereiste.