ECLI:NL:RBDHA:2021:969
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-verlenging toestemming pulskorvisserij groep 3
Eisers exploiteren vissersvaartuigen met pulskorinstallaties voor de vangst van vis, waarvoor zij toestemming hadden ontvangen op basis van wetenschappelijke onderzoeksprogramma's (groep 3). Verweerder verlengde deze toestemmingen niet verder na 1 juni 2019, mede vanwege het Europees verbod op pulskorvisserij in de Verordening TM.
Eisers stelden beroep in tegen deze besluiten, waarbij verweerder het bezwaar van één eiser niet-ontvankelijk verklaarde en de overige bezwaren ongegrond. De rechtbank oordeelde dat de niet-ontvankelijkverklaring terecht was en dat de bestreden besluiten voldoende gemotiveerd waren, mede omdat in de toestemmingen expliciet was opgenomen dat na afloop geen uitzonderingen op het pulsverbod zouden worden toegestaan.
De rechtbank verwees voor een inhoudelijke weerlegging van de algemene gronden naar haar uitspraak over groepen 1 en 2, waaruit bleek dat de gronden niet slaagden, behalve dat geen beslissing was genomen over schadeloosstelling. Voor groep 3 was dit niet aan de orde. De beroepen werden daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen van vissersgroep 3 tegen het niet verder verlengen van de pulskorvisserijtoestemming worden ongegrond verklaard.