ECLI:NL:RBDHA:2021:933
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wob-verzoek inzage vergunningen verwarmingsinstallatie Willem Dreespark
Eiser verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om inzage in alle vergunningen met betrekking tot werkzaamheden voor een verwarmingsinstallatie op het Willem Dreespark te Den Haag over de periode 2014-2017. Verweerder wees dit verzoek af omdat de gevraagde documenten reeds openbaar zouden zijn en digitaal in te zien bij het Den Haag Informatiecentrum.
Eiser stelde in bezwaar dat hij de documenten niet kon inzien bij het Informatiecentrum en verzocht alsnog om verstrekking. Verweerder verklaarde het bezwaar ongegrond, stellende dat de vergunningen niet bestaan omdat voor het plaatsen van een inpandige verwarmingsinstallatie geen omgevingsvergunning vereist is.
In beroep voerde eiser aan dat hij ten onrechte niet is gehoord en dat de zaak terugverwezen moet worden naar de bezwaarfase om het functioneren van het informatiecentrum aan de orde te stellen. De rechtbank oordeelt dat het horen niet verplicht was omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was en dat het functioneren van het informatiecentrum niet ter beoordeling van de rechtbank behoort.
De rechtbank acht de stelling van verweerder dat de vergunningen niet bestaan aannemelijk en verklaart het beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het afwijzen van het Wob-verzoek wordt ongegrond verklaard.