Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Tunesische nationaliteit, is in bewaring gesteld op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege een concreet aanknopingspunt voor overdracht op grond van de Dublinverordening en een risico op ontduiking van toezicht.
Eiser betwist de rechtmatigheid van zijn bewaring omdat hij stelt dat de overdrachtstermijn reeds was verstreken en dat de verlenging daarvan onrechtmatig en prematuur was. Verweerder heeft echter de overdrachtstermijn verlengd na een claimakkoord met Italië, omdat eiser in strafrechtelijke detentie zat en onduidelijk was hoe lang deze zou duren.
De rechtbank oordeelt dat artikel 29, tweede lid, van de Dublinverordening de verlenging niet verbiedt onder deze omstandigheden. Ook is het niet onredelijk dat de vlucht pas zes weken na inbewaringstelling gepland kon worden, mede vanwege afhankelijkheid van Italiaanse autoriteiten.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de bewaring en verlenging van de overdrachtstermijn wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.