ECLI:NL:RBDHA:2021:8842
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens niet tijdig toegenomen beperkingen voor WAO-uitkering
Eiser, met een WAO-uitkering sinds 1998 en een herziening in 2003, meldde in 2018 toegenomen klachten door een spierhernia. Verweerder handhaafde de uitkering omdat de toename van beperkingen niet binnen vijf jaar na de laatste herziening plaatsvond.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de verzekeringsarts de beperkingen juist had vastgesteld. Eiser kon zijn stellingen over eerdere toename niet met medische gegevens onderbouwen.
Omdat de toename van beperkingen pas na de vijfjaarstermijn plaatsvond, werd het beroep ongegrond verklaard. De arbeidskundige beoordeling werd niet inhoudelijk beoordeeld omdat deze niet relevant was voor de uitkomst.
De rechtbank wees een proceskostenveroordeling af en gaf aan dat een beroepschrift bij de Centrale Raad van Beroep mogelijk is binnen zes weken na verzending van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de WAO-uitkering blijft ongewijzigd.