Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser], eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, werd op 26 januari 2021 de maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000, vanwege een geplande overdracht aan Duitsland volgens de Dublinverordening en het risico dat hij zich aan toezicht zou onttrekken.
Eiser betwistte de gronden van de maatregel niet, maar voerde aan dat verweerder onvoldoende voortvarend handelde bij de verwijdering, met name omdat hij nog geen PCR-test had ondergaan. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende voortvarend had gehandeld aangezien de overdracht al gepland stond op 2 februari 2021, een week na de inbewaringstelling.
Daarnaast stelde eiser dat de informatieplicht was geschonden doordat het verslag van het vertrekgesprek niet aan het dossier was toegevoegd, wat volgens hem de inbewaringstelling onrechtmatig maakte. De rechtbank vond dat ondanks het ontbreken van het verslag, niet was aangetoond dat eiser daardoor in zijn belangen was geschaad.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.