Uitspraak
Rechtbank den haag
verweerder in voorwaardelijke reconventie,
[bedrijf]te [plaats] ,
eiseressen in voorwaardelijke reconventie,
Rechtbank Den Haag
In deze zaak stond centraal of DLS Holding B.V. het stem- en vergaderrecht kon worden ontzegd wegens het niet naleven van een statutaire aanbiedingsplicht bij een change of control van aandelen in China Creates Rotterdam B.V. (CCR). CC, een aandeelhouder, stelde dat DLS de aandelen in CCR via een fusie met een andere vennootschap had verworven zonder de aandelen eerst aan de medeaandeelhouders aan te bieden, zoals de statuten voorschrijven. Dit zou leiden tot schorsing van het stemrecht van DLS.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de aanbiedingsplicht inderdaad geldt, maar dat CC geen beroep kon doen op deze regeling omdat de omstandigheden en de voorgeschiedenis van de transacties erop wijzen dat CC op de hoogte was van en instemde met de uiteindelijke structuur waarbij DLS zeggenschap kreeg via de fusie. De rechter vond dat het beroep van CC op de aanbiedingsplicht misbruik van recht was en in strijd met redelijkheid en billijkheid, mede gezien de langdurige samenwerking en de fiscale motieven voor de gekozen structuur.
De voorzieningenrechter concludeerde dat DLS stem- en vergaderrecht toekwam en dat de besluiten genomen tijdens de algemene vergadering van 27 november 2020, waarbij CC als enige voor stemde, niet rechtsgeldig tot stand waren gekomen. De vorderingen van CC werden afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten. De vorderingen in voorwaardelijke reconventie werden niet behandeld vanwege het niet vervullen van de gestelde voorwaarden.
Uitkomst: De vorderingen van CC tot schorsing van stem- en vergaderrechten van DLS worden afgewezen.