ECLI:NL:RBDHA:2021:7302
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid door ontbreken lopende bezwaar- of beroepsprocedure
Verzoekster heeft bij de voorzieningenrechter een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. Tijdens de zitting, gehouden via Skype, is verzoekster niet verschenen. De voorzieningenrechter constateert dat verzoekster onduidelijkheid heeft gecreëerd over de aard van de procedure door wisselende e-mails zonder eenduidige keuze.
De voorzieningenrechter stelt vast dat een verzoek om voorlopige voorziening alleen kan worden gedaan indien er een lopende bezwaar- of beroepsprocedure is. Omdat dit niet het geval is, wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard.
Daarnaast wijst de voorzieningenrechter verzoekster op de complexiteit van een eventuele schadevergoedingsprocedure op grond van de Algemene wet bestuursrecht, en adviseert juridisch advies in te winnen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een lopende bezwaar- of beroepsprocedure.