Uitspraak
Rechtbank den haag
1.[eiser 1]te […];
[eiser 2]te […];
[eiser 3]te […];
[eiser 4]te […];
[eiser 5]te […];
[eiser 6]te […];
[eiser 7]te […];
[eiser 8]te […];
[eiser 9]te […];
[eiser 10]te […];
[eiser 11]te […];
[eiser 12]te […];
[eiser 13]te […];
[eiser 14]te […];
[eiser 15]te […];
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling van het geschil
onderzoeksdataset, gegevens die zijn
opgenomen in de binnen-de reikwijdte datasetkunnen claimen als gepriviligeerd, niet-zakelijk of out-of-scope. Dat is de werkwijze die in deze zaak ook is gevolgd. Dat door de ACM zou zijn toegezegd dat zij in het kader van het onderzoek geen gebruik zou maken van haar inzagebevoegdheden op grond van de Awb en artikel 2.2 van de Digitale Werkwijze, wat de ACM betwist, acht de voorzieningenrechter ook niet erg waarschijnlijk.
nietbetekent
“dat het de Commissie (voorzieningenrechter: en dit geldt evenzeer voor de ACM)
verboden is, een onderzoeksprocedure in te leiden teneinde gegevens waarvan zij tijdens een eerdere verificatie toevallig kennis heeft gekregen, op hun juistheid te controleren of aan te vullen, indien die gegevens wijzen op het bestaan van met de mededingingsregels van het Verdrag strijdige gedragingen. Een dergelijk verbod zou immers verder gaan dan nodig is ter bescherming van het zakengeheim en van het recht van verweer, en zou de Commissie derhalve op ongerechtvaardigde wijze belemmeren in de vervulling van haar taak om toe te zien op de naleving van de mededingingsregels op de gemeenschappelijke markt en het opsporen van inbreuken op de artikelen 101 VWEU en 102 VWEU (zie in die zin arrest Dow Benelux/Commissie, 85/87, EU:C:1989:379, punt 19).”
in zijn totaliteitkunnen beschouwen als een voldoende ernstige aanwijzing om de inbreuk op artikel 8 EVRM Pro te rechtvaardigen.