Uitspraak
[veroordeelde] ,
De vordering
De procesgang
- de veroordeelde, bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. N.F. Hoogervorst;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde op 10 juni 2021 de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de PIJ-maatregel van een veroordeelde die in 2016 onherroepelijk tot deze maatregel is veroordeeld wegens opzettelijk brandstichten met gevaar voor personen. De maatregel was eerder verlengd tot mei 2021.
De rechtbank nam kennis van meerdere rapporten van deskundigen, waaronder kinder- en jeugdpsychiaters en psychologen, en adviezen van behandelcoördinatoren van RJJI Den Hey-Acker. Uit deze rapporten bleek dat de veroordeelde een hoog recidiverisico blijft houden en dat de kernproblematiek, waaronder persoonlijkheidsproblematiek, cannabisgebruik en ADHD, nog onvoldoende is behandeld. De deskundigen adviseerden een verdere behandeling, bij voorkeur in een Forensisch Psychiatrische Kliniek of Afdeling, maar erkenden dat de resterende termijn van de PIJ-maatregel relatief kort is.
De veroordeelde toonde in de raadkamer motivatie om mee te werken aan behandeling en resocialisatie, hoewel hij medicatie voor ADHD afwijst. De officier van justitie handhaafde de vordering tot verlenging met 10 maanden, terwijl de verdediging een verlenging van 6 maanden bepleitte. De rechtbank oordeelde dat de wettelijke criteria voor verlenging zijn vervuld en verlengde de PIJ-maatregel met de maximale duur tot 13 maart 2022, met het oog op de veiligheid van anderen en de verdere ontwikkeling van de veroordeelde.
De rechtbank zag geen aanleiding tot doorplaatsing naar een FPK of FPA gezien de korte resterende termijn en het begin van een behandelrelatie op de ITA. De veroordeelde werd aangespoord zijn motivatie vast te houden om de kans op een succesvolle afronding van de maatregel te vergroten.
Uitkomst: De PIJ-maatregel is verlengd tot 13 maart 2022 wegens hoog recidiverisico en noodzaak tot behandeling.