ECLI:NL:RBDHA:2021:6353
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublin Italië
Verzoeker heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling volgens het Dublin-verdrag.
Tegen dit besluit is beroep ingesteld en tevens is een verzoek om voorlopige voorziening gedaan. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening behandeld tijdens een zitting op 10 juni 2021, samen met een andere zaak met vergelijkbare inhoud.
De voorzieningenrechter overweegt dat een voorlopige voorziening alleen mogelijk is indien de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. Omdat de rechtbank inmiddels op de hoofdzaak uitspraak heeft gedaan (zaaknummer NL21.7584), is het verzoek om voorlopige voorziening niet meer ontvankelijk en wordt het afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.