ECLI:NL:RBDHA:2021:6042
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod op overlevering aan Polen wegens rechtsgeldige uitspraak Internationale Rechtshulpkamer
Eiser werd op 29 oktober 2020 aangehouden op basis van een Europees Aanhoudingsbevel uit Polen. De Internationale Rechtshulpkamer (IRK) van de rechtbank Amsterdam behandelde de overleveringszaak na prejudiciële vragen over de Poolse rechtspraak en gaf op 7 mei 2021 mondeling toestemming voor overlevering, die schriftelijk werd vastgelegd en op 10 mei aan partijen werd toegezonden.
Eiser vorderde in kort geding een verbod op overlevering aan Polen, stellende dat de uitspraak van de IRK niet rechtsgeldig tot stand was gekomen vanwege gebrekkige ondertekening door de griffier en mogelijke inhoudelijke misslagen. Ook voerde hij ernstige humanitaire bezwaren aan, waaronder antisemitisme en medische omstandigheden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het ontbreken van tijdige ondertekening door de griffier geen nietigheid van het vonnis tot gevolg heeft en dat er onvoldoende aanwijzingen zijn dat de rechters de uitspraak niet hebben geaccordeerd. De inhoudelijke beoordeling van de IRK over de overlevering en humanitaire omstandigheden werd gerespecteerd, waarbij geen nieuwe beoordeling plaatsvond.
De vorderingen van eiser werden afgewezen omdat geen juridische of feitelijke misslagen in het vonnis zijn vastgesteld en geen ernstige humanitaire redenen zijn onderbouwd die overlevering verhinderen. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verbod op overlevering aan Polen wordt afgewezen vanwege de rechtsgeldigheid van de uitspraak en het ontbreken van ernstige humanitaire redenen.