ECLI:NL:RBDHA:2021:3399
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen geluidsoverlast kerkklok Voorschoten
Verzoeker heeft het college van burgemeester en wethouders van Voorschoten verzocht handhavend op te treden tegen de overschrijding van geluidsnormen door het luiden van de grote kerkklok van de dorpskerk te Voorschoten. Na een geluidsmeting concludeerde het college dat de geluidsvoorschriften niet werden overschreden en wees het handhavingsverzoek af. Verzoeker maakte bezwaar tegen deze afwijzing en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht een voorlopige voorziening kan worden getroffen indien onverwijlde spoed dat vereist. Uit de feiten bleek echter niet dat sprake was van zodanige ernstige geluidshinder dat een beslissing op het bezwaar niet kon worden afgewacht. De stelling van verzoeker dat het geluidsniveau tijdens het luiden toeneemt en daardoor het maximale niveau wordt overschreden, leidde niet tot een ander oordeel.
De voorzieningenrechter concludeerde dat er geen spoedeisend belang was bij het treffen van een voorlopige voorziening en wees het verzoek af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen geluidsoverlast kerkklok wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.