ECLI:NL:RBDHA:2021:3146
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verantwoordelijkheid Denemarken voor behandeling asielaanvraag bevestigd in Dublinprocedure
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Denemarken verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan volgens de Dublinverordening. Nederland had een verzoek tot terugname ingediend bij Denemarken, dat dit verzoek heeft aanvaard.
Eiser stelde dat de Deense autoriteiten onvoldoende waren geïnformeerd over zijn verblijf in Duitsland en dat Duitsland verantwoordelijk zou moeten zijn. De rechtbank oordeelt dat de informatie aan Denemarken voldoende was en dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt. De enkele stellingen van eiser over inschrijving en voorzieningen in Duitsland zijn onvoldoende onderbouwd.
De rechtbank stelt vast dat Duitsland aanvankelijk verantwoordelijk was, maar door het niet binnen de overdrachtstermijn overdragen van eiser, is de verantwoordelijkheid overgegaan op Denemarken. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat Denemarken verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.