ECLI:NL:RBDHA:2021:2950
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid politieke vervolging en discriminatie
Eiser, een Iraakse staatsburger, diende een asielaanvraag in met het argument dat hij Irak moest verlaten vanwege bedreigingen na een incident in een café en discriminatie wegens zijn soennitische geloofsovertuiging.
De Staatssecretaris wees de aanvraag af omdat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij daadwerkelijk gevaar liep vanwege politieke uitingen of religieuze discriminatie. De rechtbank oordeelde dat de verklaringen over het incident in het café ongeloofwaardig waren, mede omdat eiser dagelijks het café bezocht en goed contact had met de aanwezigen, waardoor het onwaarschijnlijk was dat hij openlijk politieke uitingen deed die tot bedreigingen leidden.
Verder concludeerde de rechtbank dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij systematisch werd gediscrimineerd vanwege zijn geloof, en dat zijn vertrek uit Irak legaal was. Ook het late indienen van de asielaanvraag in Nederland ondermijnde de geloofwaardigheid van zijn acute vrees.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en bleef de afwijzing van de verblijfsvergunning in stand.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardigheid van de vrees voor politieke vervolging en discriminatie.