Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 3 februari 2021 in de zaak tussen
[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- de verkoper rechthebbende is van het hierna te noemen registergoed;
- de verkoper een herfinanciering nodig heeft van de geldlening die hij bij [bank 2] BV heeft lopen en dat hij in dat kader van [ [verzekeringsmaatschappij] ] (…) hierna te noemen: de bank) een financiering kan verkrijgen;
- dat de bank hieraan als voorwaarde verbindt dat de eigendom van het registergoed wordt overgedragen aan de koper, zodat de koper in privé het geld kan lenen en in privé een hypotheekrecht kan vestigen;
- dat het voor de verkoper zeer oninteressant is om het registergoed te verkopen, omdat dit tot gevolg heeft dat hij casu quo de koper overdrachtsbelasting moet betalen en omdat er dan afrekening voor de vennootschapsbelasting kan gaan plaatsvinden;
- dat de verkoper zich bij de verkoop de economische eigendom van het registergoed voorbehoudt;
- dat de bank een ontbindende voorwaarde in de akte van levering niet accepteert;
- dat de verkoper en koper een ontbindende voorwaarde wel in onderling overleg kunnen overeenkomen;
- dat de verkoper en de koper de overeenkomst tot verkoop en koop mitsdien overeen komen met inachtneming van deze overwegingen.
dan weldat de verkoper en koper een andere financier vinden die bereid is de nieuwe financiering over te nemen van de bank met de verkoper als onderzetter van het gekochte
dan weldat de verkoper een bedrag groot tweemiljoen euro (€ 2.000.000) bij de verkoop van het onderhavige pand aan [de bank] aflost.
Ontbinding overeenkomst
Termijn schriftelijk beroep
Terugkeer eigendom
Onherroepelijke volmacht
- namens hen, zodra gebleken is dat een beroep op de ontbindende voorwaarde wordt gedaan (dan wel zodra duidelijk is dat de ontbindende voorwaarde niet zal worden vervuld) daarvan bij notariële akte te doen blijken. Voor het geval wel een beroep op de ontbindende voorwaarde wordt gedaan, zijn zij tevens bevoegd de vandaag verschuldigde overdrachtsbelasting bij de belastingdienst terug te vorderen.
- (…)
Geen afstand ontbindingsrechten
“
B. DE KOOPOVEREENKOMST
“Gebruik van het gekochte
“4. Juridische garanties van verkoper
DOEL VAN DEZE AKTE
29 maart 2018 heeft verweerder dit verzoek om teruggaaf afgewezen. Het bezwaarschrift van eiser tegen deze beschikking is bij uitspraak op bezwaar van 11 mei 2019 ongegrond verklaard.
Geschil9. In geschil is of eiser recht heeft op teruggaaf van de bij akte van 14 december 2015 voldane overdrachtsbelasting van € 120.000 ingevolge artikel 19, eerste lid, van de WBR.
Subsidiair voert eiser aan dat, indien geen sprake zou zijn van een voorwaardelijke levering, de levering van het bedrijfspand op 14 december 2015 nietig is vanwege een titelgebrek. De eigendom van het bedrijfspand is bij D gebleven. De toestand van vóór de verkrijging is als gevolg van die nietigheid hersteld als bedoeld in artikel 19, eerste lid, letter b, van de WBR zodat eiser recht heeft op teruggaaf van de overdrachtsbelasting.
Verder beroept eiser zich op het vertrouwensbeginsel en het evenredigheidsbeginsel.
Op basis van een objectieve uitleggingsmaatstaf is volgens de akte van levering onvoorwaardelijk geleverd en is er sprake van een onvoorwaardelijke verkrijging door D. Hierdoor is artikel 19, eerste lid, letter a van de WBR niet van toepassing.