Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2021:2028

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 maart 2021
Publicatiedatum
5 maart 2021
Zaaknummer
8744906 / EJ VERZ 20-85283
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BWArt. 7:686a BWArt. 69 caoArt. 61 cao
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontslag op staande voet onterecht; toekenning schadevergoeding, transitievergoeding en vergoeding niet-genoten vakantiedagen

De kantonrechter van de Rechtbank Den Haag heeft bij beschikking van 2 maart 2021 geoordeeld dat het ontslag op staande voet dat aan de werknemer was gegeven onterecht was omdat er geen dringende reden was. Hierdoor heeft de werknemer aanspraak op een gefixeerde schadevergoeding, een transitievergoeding en een billijke vergoeding.

In de procedure heeft de werknemer daarnaast aanspraak gemaakt op betaling van vakantiegeld, vergoeding van niet-genoten vakantiedagen en loon over juli 2020. De kantonrechter heeft geoordeeld dat het vakantiegeld correct was berekend door de werkgever conform de toepasselijke cao en dat de werknemer geen aanspraak meer had op aanvullend vakantiegeld.

Voor de vergoeding van niet-genoten vakantiedagen heeft de kantonrechter het door de werkgever overgelegde vakantieoverzicht gevolgd, waarbij 20,93 openstaande dagen werden vastgesteld. De werknemer had echter nog recht op vakantietoeslag over deze dagen, zodat een aanvullend bedrag van €197,85 bruto werd toegewezen.

Ten aanzien van het loon over juli 2020 heeft de kantonrechter het standpunt van de werkgever gevolgd dat de berekening op basis van werkdagen correct was en dat het reeds betaalde bedrag toereikend was. Daarnaast zijn wettelijke rente, proceskosten en incassokosten toegewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Ontslag op staande voet onterecht; werknemer krijgt schadevergoeding, transitievergoeding en vergoeding niet-genoten vakantiedagen toegekend.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Zittingsplaats Gouda
PF
zaaknummer 8744906 / EJ VERZ 20-85283

Beschikking d.d. 2 maart 2021 in de zaak van:

[verzoeker],
wonende te [woonplaats 1] ,
verzoekende partij,
gemachtigde: mr. R. Meijers,
tegen

[verweerder 1] v.o.f.,

gevestigd te [plaats] ,
en
[verweerder 2] ,en
[verweerder 3] ,beiden wonende te [woonplaats 2] ,
verwerende partij,
procederende in de persoon van [verweerder 2] .
Partijen worden aangeduid als “ [verzoeker] ” en (gezamenlijk en in enkelvoud) “ [verweerder 1] ”.

1. Verdere procedure

De kantonrechter heeft na de tussenbeschikking van 1 december 2020 kennis genomen van:
  • de akte uitlating partijen zijdens [verzoeker] ;
  • de reactie hierop zijdens [verweerder 1] .