ECLI:NL:RBDHA:2021:17126
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid seksuele gerichtheid en inconsistenties in relaas
Eiseres, van Nigeriaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid werd afgewezen als kennelijk ongegrond. De afwijzing was gebaseerd op de ongeloofwaardigheid van haar relaas, met name over haar seksuele gerichtheid en de problemen met haar oom, alsmede tegenstrijdigheden in haar verklaringen over haar uitreis uit Nigeria en verblijf in Libië.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht twijfelde aan de geloofwaardigheid van eiseres omdat zij wisselende verklaringen gaf over haar schoolgang, de wijze en het moment van vertrek uit Nigeria, en haar relaties met vrouwen. De rechtbank vond de verklaringen over haar seksuele gerichtheid vaag en summier, en onvoldoende onderbouwd om een reëel risico op vervolging aan te nemen.
Verder achtte de rechtbank de vrees voor vervolging wegens mensenhandel, prostitutie en het risico op offer aan een tempel niet aannemelijk. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en het opgelegde inreisverbod en vertrekbesluit zijn rechtsgeldig. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege ongeloofwaardigheid en inconsistenties.