ECLI:NL:RBDHA:2021:17047
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag wegens bescherming in Duitsland
Eiser, van Eritrese nationaliteit, heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet-ontvankelijk te verklaren. Dit omdat eiser volgens de Duitse autoriteiten sinds 31 maart 2017 internationale bescherming geniet. Eiser betwist deze status en voert aan dat hij geen reisdocument kan verkrijgen om zijn gezin in Nederland te bezoeken, en dat het Duitse systeem tekortschiet.
De rechtbank overweegt dat de Staatssecretaris in beginsel mag vertrouwen op de informatie van de Duitse autoriteiten, tenzij deze informatie onvoldoende actueel of volledig is. Uit het Eurodac-onderzoek blijkt dat eiser internationale bescherming in Duitsland geniet en dat deze informatie actueel is. Eiser heeft niet onderbouwd dat zijn beschermingsstatus is beëindigd of niet verlengd kan worden.
Ook het verweer van eiser dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet van toepassing is, wordt verworpen. De rechtbank acht de stelling dat eiser geen reisdocument kan krijgen onvoldoende onderbouwd en niet aannemelijk dat hij zich niet tot Duitse instanties kan wenden. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de asielaanvraag blijft niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.