ECLI:NL:RBDHA:2021:16770
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfskaart gezinsleden gemeenschapsonderdaan wegens motiveringsgebrek
Eisers, een Peruaans gezin bestaande uit een moeder en haar zoon, hebben een aanvraag ingediend voor een verblijfskaart als gezinsleden van een Nederlandse gemeenschapsonderdaan die in Spanje heeft gewerkt en gewoond. Verweerder wees de aanvraag af omdat eisers onvoldoende aannemelijk hadden gemaakt dat zij samen met de referent drie maanden in Spanje hadden gewoond en daar gezinsleven hadden opgebouwd en bestendigd.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende rekening heeft gehouden met de overgelegde bewijsstukken, waaronder verblijfsdocumenten, inschrijvingen bij de gemeente Pamplona, een Spaans rijbewijs en verklaringen van derden. Ondanks enkele inconsistenties acht de rechtbank het aannemelijk dat eisers en referent daadwerkelijk gedurende ten minste drie maanden gezamenlijk in Spanje hebben verbleven en daar een gezinsleven hebben opgebouwd.
Daarom is het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd en strijdig met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens motiveringsgebrek en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.