ECLI:NL:RBDHA:2021:16255
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen terugkeerbesluit en inreisverbod wegens illegale inreis en poging tot illegale uitreis
Eiser kreeg op 18 december 2020 een terugkeerbesluit opgelegd met een vertrektermijn van nul dagen en een inreisverbod van twee jaar, omdat hij Nederland niet op de voorgeschreven wijze was binnengekomen en zich aan het toezicht had onttrokken.
Eiser stelde dat hij recht had op een vrije termijn van drie maanden in het Schengengebied en dat hij zich binnen drie dagen na binnenkomst moest melden bij de Nederlandse autoriteiten. Ook ontkende hij plannen te hebben gehad om illegaal naar Groot-Brittannië te reizen.
De rechtbank stelde vast dat eiser zich niet op de voorgeschreven wijze had gemeld en dat niet kon worden vastgesteld wanneer hij Nederland was binnengekomen, waardoor de vrije termijn niet was ingegaan. Daarnaast werd eiser aangetroffen in een trailer op het afgesloten haventerrein van DFDS in Rotterdam, wat voldoende bewijs leverde voor een poging tot illegale uitreis.
De rechtbank concludeerde dat de zware gronden voor het terugkeerbesluit en inreisverbod terecht waren toegepast en verklaarde het beroep ongegrond. Verweerder hoefde geen proceskosten te betalen.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en inreisverbod wordt ongegrond verklaard.