ECLI:NL:RBDHA:2021:15899
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen terugkeerbesluit wegens onrechtmatig verblijf ongegrond verklaard
Eiser, van Georgische nationaliteit, had een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingediend die in 2016 werd afgewezen en onherroepelijk werd verklaard in 2017. Hij reisde in januari 2020 Nederland binnen zonder rechtmatig verblijf. Op 28 juli 2020 legde de Staatssecretaris een terugkeerbesluit op met de verplichting binnen 28 dagen de EU te verlaten.
Eiser stelde beroep in tegen dit besluit maar keerde in september 2020 terug naar Georgië. Hij voerde aan dat telefonisch contact met de Immigratie- en Naturalisatiedienst was geweest om verlenging van de vertrektermijn te verzoeken vanwege corona, maar kon dit niet onderbouwen met stukken.
De rechtbank oordeelde dat het terugkeerbesluit terecht was opgelegd omdat eiser geen aanvraag tot verlenging van de vertrektermijn had ingediend en het beroep op het vertrouwensbeginsel niet aannemelijk was gemaakt. Ook de corona-omstandigheden rechtvaardigden geen afzien van het besluit. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit is ongegrond verklaard en eiser moet de EU verlaten.