ECLI:NL:RBDHA:2021:15658
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening wegens ontbreken spoedeisend belang bij lopende asielprocedure
Verzoeker, van Afghaanse nationaliteit, heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor verblijf bij een familielid ingediend. Dit primaire besluit is afgewezen door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Verzoeker heeft bezwaar gemaakt en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft op 29 maart 2021 mondeling uitspraak gedaan. Gezien het lopende beroep en de nog niet afgeronde asielprocedure, waarbij verzoeker rechtmatig verblijf geniet, is geen sprake van een spoedeisend belang. De medische situatie van verzoeker verhindert momenteel een snelle beslissing op de asielaanvraag, waardoor geen acute uitzettingsdreiging bestaat.
De voorzieningenrechter concludeert daarom dat het verzoek om voorlopige voorziening moet worden afgewezen. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.