ECLI:NL:RBDHA:2021:15603
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet-behandeling asielaanvragen wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eisers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin hun asielaanvragen niet in behandeling zijn genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. Eisers vreesden dat zij na overdracht aan Duitsland zonder inhoudelijke beoordeling zouden worden uitgezet naar Nigeria en stelden dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet van toepassing is.
De rechtbank overweegt dat Duitsland het terugnameverzoek heeft geaccepteerd en dat er geen aanwijzingen zijn voor structurele tekortkomingen in het Duitse asielproces die het vertrouwensbeginsel zouden ondermijnen. Ook het risico op detentie en het ontbreken van kosteloze rechtsbijstand leiden niet tot een andere beoordeling. Eisers konden niet aannemelijk maken dat zij geen toegang tot de rechter zouden hebben in Duitsland.
Voorts oordeelt de rechtbank dat de huidige coronamaatregelen geen verplichting scheppen tot vrijwillige terugkeer en dat een gecontroleerde overdracht voldoende is. De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt dat de asielaanvragen niet in behandeling worden genomen, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De beroepen tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvragen wegens verantwoordelijkheid Duitsland worden ongegrond verklaard.