ECLI:NL:RBDHA:2021:15522
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na uitspraak in beroep
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid het asielverzoek van de verzoeker niet in behandeling genomen middels een besluit van 5 oktober 2020. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft de zitting op 2 maart 2021 samen met een gerelateerde zaak gehouden. Op dezelfde dag is in de hoofdzaak uitspraak gedaan, waardoor de noodzaak voor een voorlopige voorziening verviel.
Daarom heeft de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. J.J. Catsburg en bekendgemaakt op 5 maart 2021. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.